In de nieuwste aflevering duiken we diep in de wereld achter de verslaving, niet vanuit het perspectief van iemand die het zelf heeft meegemaakt, maar vanuit de behandelkamer. Te gast is Jeroen Koetsier, psycholoog bij SolutionS Verslavingszorg. Met zijn achtergrond in de psychologie en jarenlange ervaring in de verslavingszorg, biedt hij een helder en genuanceerd beeld van wat verslaving werkelijk is, hoe het brein wordt gekaapt, en waarom herstel verder gaat dan alleen stoppen met gebruiken.
Meer dan een kwestie van hoeveelheid
Wanneer is iemand eigenlijk verslaafd? In de volksmond wordt verslaving al snel gekoppeld aan hoeveel iemand drinkt of gebruikt. Maar Jeroen legt uit dat de diagnostiek veel verder gaat dan hoeveelheden alleen:
“Wat we zien in de diagnostiek is dat het niet echt over hoeveelheden gaat. Het gaat over andere dingen. Tolerantie is heel belangrijk, dat iemand steeds meer nodig heeft om hetzelfde effect te krijgen. En het is belangrijk om de schades in te zien die ontstaan door de verslaving.”
Veel mensen zijn wat men ‘functionerend verslaafd’ noemt: ze houden een baan, hebben een relatie en een sociaal leven. Maar het feit dat het van buitenaf goed lijkt te gaan, wil niet zeggen dat er geen probleem is. Jeroen beschrijft hoe mensen zichzelf vaak vergelijken met het stereotype beeld van een verslaafde, de man onder de brug. Maar dat beeld klopt niet met de werkelijkheid in de kliniek:
“Die man met die baard onder de brug, die kom ik niet tegen. Een veel groter deel heeft eigenlijk gewoon een gigaprobleem, alleen heeft nog allerlei redenen om zichzelf wijs te maken dat de behandeling niet nodig is.”
Cijfers bevestigen dit beeld. Volgens het Trimbos-instituut gebruikte in 2024 ruim tien procent van de volwassen Nederlanders één of meer soorten drugs, met cannabis als meest gebruikte illegale drug. Hoewel recreatief gebruik bij de meeste mensen zonder grote problemen verloopt, schuilt het gevaar in de geleidelijke overgang naar functioneel gebruik, precies het sluipende proces dat Jeroen beschrijft.
Het gekaapte brein: waarom stoppen zo moeilijk is
Een van de meest indrukwekkende onderdelen van het gesprek gaat over wat er in de hersenen gebeurt bij verslaving. Jeroen legt het dopaminesysteem uit op een manier die het meteen begrijpelijk maakt:
“Verslavende middelen geven een enorme hoeveelheid dopamine af. Eigenlijk train jij je brein dat je dit nodig hebt om te overleven. En dan gaat al het gedrag steeds meer aangestuurd worden op die high, op dat middel.”
Dopamine is het motivatiehormoon dat ons aanstuurt om te doen wat goed is voor de overleving: eten, bewegen, sociale contacten. Maar verslavende middelen kapen dit systeem en produceren vele malen meer dopamine dan natuurlijke beloningen. Het brein gaat daardoor geloven dat het middel essentieel is voor het voortbestaan. Onderzoek in het Tijdschrift voor Psychiatrie bevestigt dat bij aanhoudend middelengebruik neuroadaptaties optreden in hersengebieden die cruciaal zijn voor beloning, motivatie en impulscontrole.
Dit verklaart ook waarom wilskracht alleen niet genoeg is. Jeroen is daar helder over:
“Waar wij denken dat we een bewuste keuze maken, hebben zij dat gevoel van bewuste keuze steeds minder. Voor hen is het steeds meer een soort reflex. Ze voelen steeds minder controle over het doen van het gedrag.”
Van recreatief naar verslaafd: een sluipend proces
Verslaving komt zelden van de ene op de andere dag. Jeroen beschrijft een herkenbaar patroon: het begint recreatief, wordt functioneel, als copingmechanisme bij stress of pijn, en groeit uiteindelijk uit tot een verslaving. Het middel dat ooit werd ingezet om te verdoven, wordt het enige gereedschap in de kist.
“Dan wordt dat het enige stukje in je gereedschapskoffer om met de wereld om te gaan. En dan is het eerste waar je aan denkt: gebruiken. Want dat hielp.”
Hij vergelijkt dit met de metafoor van een kikker in een pan water: als je het langzaam opwarmt, merkt de kikker niet dat hij kookt. De cijfers bevestigen dit: uit de NEMESIS-3 studie van het Trimbos-instituut blijkt dat bijna een kwart van de jongvolwassenen tussen 18 en 24 jaar ooit een middelenstoornis heeft gehad.
Verslaving discrimineert niet
Een belangrijk punt dat Jeroen maakt: verslaving treft alle lagen van de bevolking. In de kliniek ziet hij slimme mensen en minder slimme mensen, uit alle achtergronden en milieus:
“Verslaving discrimineert niet. Als je hier op straat kijkt wat je tegenkomt in de supermarkt, dat is hetzelfde wat ik zie in de kliniek.”
Niet alleen middelenverslaving speelt een rol. Jeroen ziet ook steeds meer procesverslavingen: gokken, seksverslaving, werkverslaving, overeten. Het lastige aan procesverslavingen is dat de grens veel minder zwart-wit is dan bij alcohol of drugs. Hij benoemt het verschil kernachtig: bij alcohol drink je het wel of niet, maar bij gamen of gokken is die lijn veel moeilijker te trekken.
De weg naar herstel: meer dan alleen het middel loslaten
Bij SolutionS werken ze via het Minnesota-model: een combinatie van het twaalfstappenprogramma en hedendaagse cognitieve gedragstherapie. Na een medische detox volgt een klinische opname van drie tot vier weken, gevolgd door ambulante nazorg. Maar het echte werk begint volgens Jeroen pas wanneer iemand de kliniek verlaat:
“De echte wedstrijd begint pas wanneer iemand uit de kliniek komt. Je moet niet alleen het middel veranderen, maar je leven veranderen. Een andere vriendengroep, een andere baan, stoppen met bepaalde dingen. Het gaat veel verder dan alleen stoppen met het middel.”
Wat opvalt is het belang dat Jeroen hecht aan de groepsdynamiek. Een groot deel van de therapie speelt zich af tussen cliënten onderling. Ze spreken elkaar aan op verslavingsgedrag, ook op kleine dingen, zoals voordringen bij het eten. En de inzet van ervaringsdeskundigen is onmisbaar: mensen leren meer van iemand die het zelf heeft doorgemaakt.
Durf de stap te zetten
Jeroen sluit het gesprek af met een boodschap die zowel nuchter als hoopvol is. Een kliniek wordt vaak gezien als een enge plek, maar de realiteit is anders:
“Verreweg de meeste mensen die bij ons in de kliniek zitten, die hebben het hartstikke naar hun zin. Die vinden het hartstikke tof om weer onder mensen te zijn, weer met dingen bezig te zijn, weer buiten te komen.”
De boodschap is helder: wacht niet op het perfecte moment. Geen ‘als ik een nieuwe baan heb’ of ‘als het nieuwe jaar begint’. Gewoon vandaag beginnen, dag voor dag.
Worstel jij met verslaving of ken je iemand die hulp nodig heeft? Maak het bespreekbaar. Neem contact op met je huisarts, bel SolutionS Verslavingszorg, of zoek steun bij een van de vele stichtingen. Je hoeft het niet alleen te doen, de eerste stap is de belangrijkste.